Illegaal

Officier van Justitie Ward Ferdinandusse schreef in de NRC van 15 januari 2015 een opiniestuk over het belang van de bewaarplicht van telecomgegevens. Bewaring van telecomgegevens, zo schrijft hij, is belangrijk bij misdaad- en terrorismebestrijding. Hij illustreert dat met voorbeelden van (zware) criminaliteit en met de jihadistische aanslag op Charlie Hebdo. Privacy moet wijken om in dat soort gevallen doeltreffend te handelen. Ferdinandusse is niet de enige die zo denkt.

Maar speelt de bewaring van telecomgegevens wel zo’n grote rol bij misdaad- en terrorismebestrijding? Een adviescommissie van de Amerikaanse president concludeerde in 2014 dat ongericht bewaren van telecomgegevens geen aantoonbaar effect heeft op het voorkomen van terroristische aanslagen. De effectiviteit van de bewaarplicht voor die data is twijfelachtig. Ook bij de voorbeelden van Ferdinandusse spelen telecomgegevens nauwelijks een rol. Ze hebben niets voorkomen. Ze leveren geen bewijs. Bij Charlie Hebdo, zo zegt Ferdinandusse, hebben telecomgegevens de banden tussen de jihadisten aangetoond. Dat mag zo zijn, maar alleen doordat ze hun identiteitskaarten lieten liggen konden ze worden geïdentificeerd. Er is niets voorkomen.

Erg mager. Hoogst ineffectief.

“Illegaal” verder lezen