‘Is Internet changing our brains ?’

In mijn vorige post besprak ik kort een boek van Nicholas Carr, te weten The Big Switch, dat enthousiasmerende, maar ook wat vreemde boek over de ontwikkeling van de licentiegerichte IT naar een dienstverlenende IT. Naar de aanbieding van diensten als ‘utilities’, die dankzij de ‘World Wide Computer’ op ‘kostenvriendelijke’ manier aan consumenten worden aangeboden. Een boek over ‘cloud computing’, dat door Carr echter niet als zodanig is bedoeld. In deze post wil ik wat verder ingaan op een ander provocatief, interessant en enthousiasmerend boek van Carr, namelijk The Shallows. What the Internet is doing to our Brains (New York, Londen 2010). Ofwel: worden we dom door het gebruik van Internet ? Veranderen onze hersens dusdanig dat ze oude, vertrouwde taken niet goed meer kunnen uitvoeren ?

Carr’s boek begint melodramatisch met de smeekbeden van de supercomputer HAL in 2001: A Space Odyssey. De machine wordt buiten werking gesteld en zijn draden losgetrokken. ‘My mind is going’, zo zegt HAL. ‘I can feel it’. Carr vindt dit een heel toepasselijke analogie: het menselijke brein lijkt op deze fictieve computer. ‘I can feel it too’, zo schrijft hij. ‘Over the last few years, I’ve had an uncomfortable sense that someone, or something, has been tinkering with my brain, remapping the neural circuitry, reprogramming the memory’ (blz. 5). Carr stelt dat we onszelf saboteren, door de onze mogelijkheden voor langdurige aandacht in te wisselen voor de dynamische oppervlakkigheid van het Internet. Zoals Carr voor het eerst waarnam in zijn zeer bediscussieerd artikel in The Atlantic, ‘Is Google Making Us Stupid ?‘, het participeren in de online wereld heeft het (in ieder geval voor hem) steeds moeilijker gemaakt om zich bezig te houden met moeilijke teksten en complexe ideeën. ‘Once I was a scuba diver in a sea of words’, zo schrijft hij in zijn zeer verzorgde, welsprekende stijl. ‘Now I zip along the surface like a guy on a Jet Ski’ (blz. 7). Carr beklaagt zich over zijn afnemende concentratievermogen, maar is eerlijk genoeg om het nut van het Internet te erkennen. Immers, het Internet voorziet ons van toegang tot een bijna oneindige hoeveelheid data. We worden beperkt tot een oneindige intellectuele oppervlakkigheid, zonder diepgang.

“‘Is Internet changing our brains ?’” verder lezen

De vinger op de zere plek…

Ik las de afgelopen week het boek Black Hearts. One Platoon’s descent into madness in Iraq’s Triangle of Death van Jim Frederick. Dit boek, dat deze maand uitkwam, legt enkele vingers op een belangrijke zere plek. Frederick wijst op de psychiatrische problemen van vele militairen, die betrokken zijn geweest in militaire acties. Frederick onderzoekt daarin een peleton, ingezet in Irak, en hij wijst daarbij vooral op ‘the lack of accountability for the failure to properly handle a murderous, dysfunctional soldier’.

In een artikel in Time, van 22 februari 2010, gaat hij nogmaals nader in op de achterliggende problemen, die heel veel te maken hebben met het negeren van de verantwoordelijkheid, die het militaire gezag heeft, in ‘preventing a troubled soldier from becoming an unlawful killer’. Frederick citeert de Amerikaanse minister van Defensie Robert Gates, waarin deze het belang van ‘accountability’ benadrukt. ‘One of the core functions of leadership is assessing the performance and fitness of people honestly and openly. Failure to do so … may lead to damaging, if not devastating, consequences’. Juist dat, zegt Frederick, betekent een gigantische verandering in het leger. “De vinger op de zere plek…” verder lezen